Home Onderwerpen Zoek Correspondent Banner Over ons Contact

Netwerken van de Toekomst

dr. Albert Benschop


  1. Internet als medium en object van sociaal-wetenschappelijk onderzoek

  2. Traditioneel Netwerk Concept
    • Niveaus van handelingsintegratie
      • Maatschappelijk
      • Organisationeel
      • Interactioneel
    • Sociale handelingen (interacties & communicaties) die zich voltrekken in directe, fysieke aanwezigheid van actoren: face-to-face interactie.

    • Typen sociale relaties
      • Dyadische of paarsgewijze relaties: relationele inbedding
      • Netwerken van sociale relaties: structurele inbedding
    • Netwerken van sociale relaties komen tot stand middels institutionalisering van wederzijdse gedragsverwachtingen
      • Ontstaan van relatief duurzame sociale verplichtingen
      • Bijv.: respect & piëteit; genegenheid, vriendschap, liefde; trouw, steun, loyaliteit, collegialiteit en kameraadschap.
    • Posities in interactienetwerken
      • Insluiting: Exclusieve onderlinge relaties van interactiegroep
      • Uitsluiting: Uitsluitende & discriminerende relaties tot niet-leden of buitenstaanders
      • Genese van selectieve associaties & patronageverhoudingen.
      • Sociale discriminatie (als type van asymmetrische macht) waardoor uitgeslotenen worden beroofd van relatiekansen en van daaraan verbonden voordelen.

  3. Conditie van directe aanwezigheid
    • Premisse = Interactionele niveau van handelingsintegratie veronderstelt condities van fysieke nabijheid:
      • Tijd-ruimtelijke verbinding tussen minstens twee personen.
      • Conditie van 'copresence': "persons must sense that they are close enough to be percieved in whatever they are doing, including their experiencing of others and close enough to be percieved in this sensing of being percieved" [Erving Goffmann 1963:8]

  4. Copresentatie conditie achterhaald
    • Transformatie van premisse door mogelijkheid van CMC
      • Tijd-ruimtelijke verdichting: versnelling van de tijd en contractie van de ruimte.
      • Bijna alle vormen van interactie en communicatie kunnen computergemedieerd verlopen: digitale replicatie van sociale interactie/communicatie.
      • Geïntegreerde digitale duplicatie van tekst, geluid en beeld.
      • Interacties die vroeger face-to-face verliepen zullen steeds meer door computers worden gemedieerd.
      • Van email en FPT via Internet en Intranet tot videofoon en videoconferentie.
      • Kern = door hereniging van gezicht met stem wordt fysieke nabijheid zo goed als werkelijk ('virtueel'). Noodzakelijk voor sociale interactie: stem en gelaatsuitdrukking.
      • Grenzen tussen face-face en computergemedieerde interacties vervagen.
    • Niet alle vormen van socialisatie zijn op digitaal medium overdraagbaar.
      • Beperkingen: ruiken en voelen.
      • Handicap bij intieme persoonlijke relaties (dyadische relaties).
      • Als televoelen en teleruiken onmogelijk is (of zeer beperkt), wie wil er dan nog 'televrijen'?
      • Computers kunnen direct menselijke interacties nooit vervangen omdat zij geen lichaam hebben.

  5. If people define networks as real, they are real in their consequences.
    • Cyberspace is een illusie, een consensuele hallucinatie die nergens in onze fysieke werkelijkheid bestaat: een 'no-place' die alleen in binnen onze 'headspace' bestaat.
    • Nieuwe werkelijkheid van elektronische communicatie (interacties en netwerken) is virtueel ('just like reality').
    • Virtuele netwerkers delen dezelfde hallucinatie als andere (inter)netbewoners, op een manier die volledig interactief en wederzijds is.